bannerjaenneweb

Afdrukken

09 Twee paarden

 

Remco Ekkers

uit: Haringen in sneeuw, Leopold, Amsterdam, 1984

Twee paarden, die zichzelf zijn, met hun warme lijf, in een weiland staand, - maar die ook een symbool zijn: van de lente en de zomer: dicht bij elkaar, eigenlijk een geheel vormend, in elkaar overgaand. Een ode aan de seizoenen, aan de omgeving, aan samen zijn, verbondenheid, aan tevredenheid.

Een zelfde tevredenheid als het schaap van Mark Boog?

o-05w

GW 9

Afdrukken

10 Ik ben een graspol

 

Diana Ozon

uit Bronwater, Passage, Groningen, 2005

n28w

Ook dit gedicht begint met een klein, onopvallend voorval: een graspol die meegesleurd wordt door het stromende water. Maar net in als De roeier van Kopland kan het verbeeldingsvermogen met zo iets kleins op de loop gaan en het laten groeien tot het een machtig fenomeen wordt. De graspol wordt groter, groter, groter, sterker en machtiger - een visioen van sterk en belangrijk zijn. Maar het is wel cruciaal dat de graspol dat niet in zijn eentje klaar speelt; er is daarvoor een ander iets of iemand nodig ( hier een gestrande tak): 'Samen veranderen we de loop van de rivier'. Fantasie kan schitterende dromen opleveren.

GW 10

Afdrukken

11 Voorwoord

 

Simon Vinkenoog

uit Vinkenoog Verzameld: gedichten 1948 - 2008 (Zonneklaar 2006), Nijgh & van Ditmar, Amsterdam, 2008

 

 n504w

Zo veel redenen die een dichter inspireren tot een gedicht; zo veel redenen om te schrijven. Vinkenoog somt er een aantal op: wensen, dromen, ('voor een wereld zonder paspoorten')blijheid en verwondering over wat je ziet en ervaart ('voor het spelen dat leren heet' ); maar evengoed: pragmatisme, down-to-earth redenen ('voor de krenten in de pap / voor de boter bij de vis'); het kan zelfs het verlangen zijn naar even wegvluchten uit de hectiek ('een keuze voor de stilte tussen al het geruzie').

Allemaal redenen die herkenbare momentopnames uit het leven zijn. Het is een gedicht dat  bijna vanzelfsprekend een reactie bij de lezer oproept: ieder kan er een favoriete zin uit kiezen, ieder kan er ook eigen redenen bij bedenken, de reeks voor zichzelf uitbreiden.

Vinkenoogs conclusie:

'de dichter schrijft door

om al wat hem beweegt

om al waardoor hij bewogen

wordt.'

 o-26w

GW 11

Afdrukken

12 Ik spring ter nauwernood opzij

 

Toon Tellegen

uit Gedichten 1977 - 1999, Querido, Amsterdam, 2000

c40w

Een bizar idee: een vlinder die als een vurig roofdier je aan wil vallen - je hart slaat een slag over! En toch beschrijft dat precies de ogenblikkelijke schrikreactie als er een insect tegen je aan vliegt! Het doet denken aan Alice in Wonderland, die plotselinge metamorfose van vertrouwde, alledaagse verschijnselen, waardoor je niet meer weet wat je overkomt, en de vaste grond onder je voeten verliest.

Mooi, zoals Tellegen die twee uitersten combineert - van lieflijke vlinder, - naar gevaarlijk wild dier, - en weer terug naar iets zachts en geruststellends: 'ik zie nog juist hoe teer hij is.' Een glimp van een nachtmerrie-achtige dreiging, en dan weer veiligheid.

GW 12

Disclaimer

Dit is de officiële website van de Stichting. We doen er alles aan om deze website actueel te houden en te voorzien van correcte informatie. Komt u desondanks toch iets tegen dat niet correct of verouderd is, dan stellen wij uw reactie zeer op prijs. U kunt hiervoor het email-adres Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken. gebruiken of naar het contactformulier gaan.